België recyclagekampioen: Iedereen aan het recycleren

Uit de cijfers van Fost Plus toont aan dat België vorig jaar Europees recyclagekampioen was met 87,4 procent betreffende recyclage van huishoudelijke verpakkingen.
Niet enkel sorteren wij Belgen massaal, allerlei sectoren gaan ook telkens meer reststoffen verwerken.


Peter Geldof


zaakvoerder van houtrecyclage Geldof en sinds mei 2017 ook van G-Bloc

Waarom zouden meer Belgische bedrijven moeten investeren in het bewerken
van reststoffen zodat deze nieuwe toepassingen krijgen?

“In België hebben we geen grote natuurlijke rijkdommen, dus waarom niet de
bestaande afvalstromen benuttigen voor bestaande en nieuwe toepassingen. Dat is
ook het uitgangspunt van landfill mining, waarbij bepaald wordt of afvalstoffen
die vroeger gewoon in de grond werden gestopt nog herbruikbaar zijn. Nu worden
reststoffen gelukkig reeds dikwijls nogmaals gebruikt. Zo recycleren wij bij
G-Bloc bijvoorbeeld onze eigen houtspaanders en maken er palletklossen, pershouten
palletblokken of verpakkingshout van. Zo bezorgen we niet enkel hout een tweede
leven, maar verkleinen we ook de afvalberg en sparen terwijl de natuurlijke
grondstoffen. Het is namelijk van groot belang om op een duurzame manier met de
natuur om te gaan.”

Wat zijn de grootste uitdagingen in jullie sector die nieuwe innovaties
of toepassingen belemmeren of versoepelen?

“Er zijn verschillende uitdagingen en niet enkel in onze sector. Het grote
publiek staat bijvoorbeeld niet voortdurend open voor producten uit
gerecycleerd afval, omdat ze er af en toe wat anders uitzien dan de
traditionele producten. Zo is recyclagehout bijvoorbeeld donkerder van kleur en
is er dikwijls scepsis of de eigenschappen en het resultaat van dit
‘afvalproduct’ wel gelijk zijn als van een nieuw product. Op dat vlak is er absoluut
nog een mentaliteitswijziging noodzakelijk. Daarbij moet het afvalproduct ook minder
duur zijn, want anders is er geen belangstelling. Uiteindelijk moeten wij als
sector zelf zoeken naar vernieuwingen en energie steken in de voorbereiding en
reinigingsprocessen van de reststoffen.”

Welke persoonlijke ambities streven jullie na om de kringloopeconomie te
verbeteren?

“Onze bedrijfsstrategie is berust op de kringloopeconomie. Het zit echt in ons
DNA ingeworteld. Buiten ons houtrecyclagebedrijf, dat al in 1994 opgestart is,
bouwden we dit jaar dus het gloednieuwe bedrijf G-Bloc dat als enige in België pallet
klossen of pershout maakt van houtspaanders. Bovendien kijken we of we onze
energie duurzamer kunnen maken door een biomassacentrale te bouwen met de
minderwaardige houtstromen die uit de recyclage vrijkomen om zo in onze eigen
stroom en warmte te voorzien. Ook maken we gebruik van watertransport om onze
vrachtwagens van de weg te halen. Zo willen wij het nog beter doen op gebied
van CO₂-uitstoot en onze ecologische voetafdruk verder verkleinen.”


Karl Vrancken


Research Manager Sustainable
Materials bij VITO

Waarom zouden meer Belgische bedrijven moeten investeren in het bewerken
van reststoffen?

“Vlaanderen is op heden aanvoerder in gescheiden afvalinzameling, maar op dit
moment exporteren we nog veel van dat afval voor verwerking. Willen we zelf een
circulaire economie, dan moeten we een actievere rol spelen. Wij staan namelijk
logistiek sterk vanwege van onze havens en hebben dus de gelegenheid om
reststromen aan te trekken. Metalen recycleren we al beduidend, maar er zijn
zeker opportuniteiten voor andere stromen. Zo zal er door het aankomend verbod
per 1 januari op de invoer van kunststoffen in China, een overschot zijn op de
Europese markt en moeten we hiervoor dus nieuwe recyclagetechnieken vormen. In
het buitenland zijn ze daar reeds massaal mee bezig.”

Wat zijn de grootste uitdagingen in jullie sector
die nieuwe innovaties of toepassingen belemmeren of versoepelen?

“Als wij voor kunststoffen of voor gelijkaardige afvalstoffen de recyclinghub
van Europa willen worden, moeten we afval als grondstof zien en onze grenzen
ervoor openstellen. Dit vraagt wel een andere manier van denken. Zo zou er meer
plaats moeten komen om te experimenteren en om de markt te laten spelen ondanks
dat de overheid een te grote controlerende en beperkende rol vervult. Een
tweede uitdaging is om de nieuwe digitale technieken meer te samen te voegen,
zowel met de ontwikkelingen rond afvalverwerking en afvalscheiding, als met
nieuwe productiemethodes. Zo komen we tot een circulaire economie, waarbij
materialen een langere levensduur krijgen en omgevormd worden tot nieuwe
producten.”

Welke persoonlijke ambities streven jullie na om de kringloop-economie
te verbeteren?

“Eind oktober organiseerden we een internationale conferentie in Brussel om dat
samengaan van de digitalisering en de circulaire economie nog meer in te kleden
en het besef errond te vergroten. Bovendien zijn we ook sterk bezig om
bouwmateriaal dat zeer CO₂-intensief is, te vervangen door low carbon
bouwmateriaal. Er is reeds een product op de markt, vervaardigd uit
staalslakken, een afvalproduct uit de staalsector, en CO₂. Maar we bestuderen
hoe we van andere minerale reststoffen vernieuwende bouwmaterialen kunnen
maken, die het klassieke beton en cement zullen gaan vervangen. Bovendien
ontwikkelen we nieuwe technologie, waarbij sensoren materialen leren herkennen
om ze zo te sorteren en te scheiden.”


Veerle Rijckaert


Community & new business development manager
bij Flanders’
Food

Waarom zouden meer Belgische bedrijven moeten investeren in het bewerken
van reststoffen?

“Voor Flanders’ FOOD en Fevia (Federatie Belgische
voedingsindustrie, red.) is het belangrijk om in de voedingsindustrie verder te
blijven streven voor het verkleinen van de reststromen. Deze stromen zijn de
som van nevenstromen, de niet-eetbare bestanddelen in de voedingsproductie
zoals bijvoorbeeld aardappelschillen, en voedselverlies. Dit verlies kan afkomstig
zijn van menselijke fouten, een onderbreking in het productieproces, een
beschadigde verpakking… Hoewel het niet simpel is, is het ook de bedoeling
reststromen zo hoog mogelijk te valoriseren op de ladder van Moerman. Deze
worden dan eerst opnieuw gebruikt voor humane voeding, vervolgens voor
veevoeder, grond- of meststoffen of energieproductie.”

Wat zijn de grootste uitdagingen in jullie sector die nieuwe innovaties
of toepassingen belemmeren of versoepelen?

“Dé uitdaging is het blijven verzekeren van de voedselveiligheid voor mens en
dier. Daarom is traceerbaarheid een topprioriteit binnen Europa, en zeker in
België kijken we hier streng op toe. Om te garanderen dat nieuwe producten volkomen
veilig zijn als ze op de markt gebracht worden, werd de novel food wetgeving begonnen.
Ondanks dit wel vernieuwing verhindert, zorgt dit dat de Europese klant op zijn
twee oren kan slapen als er producten voorgesteld worden. Bovendien trachten we
ook naar een geïntegreerde aanpak bij het maken van duurzamere
voedselverpakkingen, zodat ze een logische en betaalbare keuze worden voor de koper.”

Welke persoonlijke ambities streven jullie na om de kringloop-economie
te verbeteren?

“Het is niet mogelijk om deze uitdaging alleen aan te gaan als
voedingsindustrie, maar we streven naar een maximale synergie, zowel binnen de
voedingsketen als over sectoren heen om zo mee de circulaire economie bij te
staan. Zo werken in de Ketenroadmap Voedselverlies Vlaanderen, de Vlaamse
Overheid en de verschillende schakels van de voedingsketen, vertegenwoordigd
door onder meer Boerenbond, Fevia, Comeos (federatie van de Belgische handel en
diensten, red.) en Horeca Vlaanderen, reeds dikwijls samen om de
voedselverliezen in Vlaanderen te verlagen. Uiteindelijk willen we de
voedselverliezen zo min mogelijk houden en voortaan nog meer beperken door
verdere automatisering en digitalisering.”